Interview Ilona Langbroek

Van 25 tot 27 mei presenteerde een nieuwe lichting fotograferen zich tijdens de afstudeerexpositie ‘Fos’ van de Fotoacademie. KIEKIE sprak Ilona Langbroek, die cum laude afstudeerde.


Waar gaat je afstudeerserie over?

‘‘In dit project verbeeld ik een emotie naar een tijd, een land en een leven wat niet meer is. Waar mensen in ons land uit weggerukt zijn, in één keer. Hierbij overheerst het gevoel van gemis en verdriet. Het verhaal van mijn grootmoeder en grootvader is de inspiratie geweest om vast te leggen waar veel mensen in Nederland niet meer bij stilstaan, een bevolkingsgroep die veel heeft achtergelaten en daar nooit meer van losgekomen is. Het gaat hier over een bevolkingsgroep die dat land zagen als hun vaderland, het waren Nederland-Indiërs. Niet alleen voor mijzelf maar voor veel Indische Nederlanders geldt dat hun verleden vooral een mondelinge geschiedenis is, verborgen voor de rest van de wereld. De eerste generatie was een moedige generatie, voor het leven getekend. Veel van hen waren vastbesloten hun trauma’s niet door te geven, waardoor er een bekend stilzwijgen heerst in de Indische gemeenschap. Bij de tweede en derde generatie is geleidelijk meer aandacht gekomen voor de eigen culturele identiteit, maar waarbij ook het verlies nog een rol speelt. Een soort heimwee naar een land dat zo geheimzinnig is; waarbij zielen of geesten niet alleen bestaan in mensen en dieren, maar ook in planten, stenen of natuurlijke fenomenen zoals donder en geografische oppervlakken zoals bergen, rivieren en vulkanen: dit heet het Animisme.’’

Mijn beelden creëer ik voornamelijk uit verhalen en herinneringen

 Je serie bestaat uit verschillende soorten beelden van uiteenlopende onderwerpen. Hoe heb je ervoor gezorgd dat het een geheel wordt?

‘‘Mijn beelden creëer ik voornamelijk uit verhalen en herinneringen, waarbij ik de band tussen mens, geest en natuur vastleg. Ik gebruik graag het contrast tussen licht en donker en het schemergebied daartussen. Emotie, gevoel en Animisme komen uit beelden voort. Het geloof dat alles bezield is, niet alleen in mensen maar ook in dieren en de natuur. Ik grijp onder andere terug naar het oude Nederlands-Indië, de tijd van Georgius Everhardus Rumphius en zijn boeken "Het Amboinsche kruid-boek" en De "Amboinsche Rariteitkamer". De "Amboinsche Rariteitkamer" is net als het Kruid-boek geïllustreerd met prachtige gravures. Het beschrijft het leven in de zee rond Ambon en de geologie van het eiland. Rumphius was de eerste deskundige van tropische schelpdieren die de levende dieren in hun omgeving beschreef. In de aandacht die hij besteedde aan gedrag en samenhang tussen de organismen onderling en hun leefgebied toonde hij zich een ecoloog avant la lettre.’’

Je manier van fotografie heeft een zekere lyrische esthetiek, waar komt dit vandaan?

‘‘Als kind dacht ik voornamelijk al in beelden, gevormd vanuit verhalen en fantasie. De Indische verteltraditie over magie en animisme maar ook over de wreedheid van de bezetting door de Japanners in Indonesië is iets waarmee ik ben opgegroeid. Daarnaast is de Indische schrijfster Maria Dermoût voor mij een grote inspiratiebron. Haar poëtische verteltrant over animisme en verlies wakkert bij mij het creëren van beelden aan, waarbij de onvergetelijke schoonheid en de wreedheid, betovering en dreiging, geheimzinnige machten en magie, het goed en het kwaad van de Indische archipel beschreven wordt. De dood en het verlies van de verhalen van Maria Dermoût zijn ook een rode lijn in het verleden van mijn grootouders.’’

Wat zijn je toekomstplannen?

Het maandblad Moesson, gericht op de Indische gemeenschap in Nederland gaat een artikel over mijn project schrijven. Verder richt ik mij nu op het vinden van een galerie die geïnteresseerd is om met mij samen te werken. Mijn Indisch verleden is een project wat voor mij nog niet afgerond is. Daarnaast wil ik mij verder verdiepen in de analoge fotografie en gaan werken met mixed media.