Het meisje in het roze

Jip Broeks, portretfotograaf, focust zich op het verhaal achter de foto. Ze gaat op zoek naar persoonlijke verhalen en werkt deze vervolgens zorgvuldig uit. Ze weet haar documentairefascinatie feilloos te combineren met haar gevoel voor mode, waardoor ze interessante portretten laat zien, zowel inhoudelijk als visueel. Wij spraken haar over haar werkwijze en over haar toekomstplannen. Een kijkje in de wereld van Jip.

Je hebt modefotografie gestudeerd aan de KABK in Den Haag. Waarom heb je precies voor deze opleiding gekozen en wat heeft het je gebracht?

"Destijds wilde ik modefotograaf worden en alleen de KABK en WdKA maakten na het eerste leerjaar een onderverdeling in modefotografie en documentaire fotografie. Daarnaast hoorde ik van allerlei kanten dat de fotografie afdeling van de KABK heel goed aangeschreven stond. Tijdens mijn studie heeft de KABK mij veel geleerd over de manier van werken. Vanuit een idee een fotoserie ontwikkelen is een (langdurig) proces. De KABK heeft me laten zien hoe je dit stap voor stap onderneemt om tot het beste resultaat te komen. Ik “mocht” nooit foto’s maken zonder dat het conceptueel onderbouwd was. Hier heb ik tijdens mijn studietijd nogal moeite mee gehad, omdat het voelde alsof ik nooit spontaan kon fotograferen vanuit een gevoel. Nu weet ik hoe belangrijk een goede basis voor een idee is en heb ik het eigen kunnen maken door er een mooie balans in te vinden."

Je vertelt met je serie ‘Het roze meisje’ een persoonlijk, bijna documentair verhaal, waarin duidelijk je liefde voor mode naar voren komt. Hoe vermengen deze twee interesses zich met elkaar?

"Mijn fotoseries beginnen altijd bij een fascinatie, gecombineerd met een bepaalde visuele aantrekkingskracht. Vaak is dit wel iets waarbij mode of kleding een rol speelt. Kleding kan je een bepaalde identiteit geven, dat vind ik heel interessant. Verder ben ik ontzettend benieuwd naar de mens achter het plaatje, en houd ik ervan om in mijn vrije werk die persoonlijke verhalen te laten zien. Bij ‘Het meisje in het roze’ (Cécile) kwam ik per toeval op haar Instagramprofiel terecht, waar ze al enkele jaren in compleet roze outfits op de foto stond. Ik ben dan meteen nieuwsgierig naar wie dit meisje is en of ze altijd zo door het leven gaat, of dat het een masker is. Door social media wordt het natuurlijk steeds makkelijker gemaakt om je anders voor te doen dan je bent. Dat wil ik dan onderzoeken en zo kwam ik in contact met Cécile."

mijn vrije werk ideeën ontstaan altijd door iets dat me persoonlijk raakt
Spread1klein.jpg

 

Je foto’s lijken zorgvuldig uitgedacht, maar toch heel puur en echt. Hoe ontwikkelt een serie zich bij jou?

“Mijn vrije werk ideeën ontstaan altijd door iets dat me persoonlijk raakt. En dat kan doordat ik ergens over lees of hoor, of door iets dat ik zie of meemaak. En vaak weet ik meteen dat het een goed idee is zodra ik vlinders in mijn buik voel. Dat klinkt gek, maar ik voel ze echt! Vervolgens ga ik het uitschrijven en doe ik onderzoek. Ook maak ik zo snel mogelijk afspraken met mensen die ik wil fotograferen voor de serie, want voor ik het weet dient zich een volgend idee aan en ben ik afgeleid van het eerste. Dat pure, echte gevoel dat je noemt, zit in de verhouding die ik tot mijn modellen en onderwerpen heb. Ik vind ze bijzonder en wil dat heel graag door middel van een fotoserie, het liefst ondersteund met een interview over het onderwerp, aan de wereld laten zien. Ik zoek dan juist het meest oprechte en pure in de persoon, dat kwetsbaar kan zijn, maar iemand juist zo mooi en authentiek maakt. Cécile kreeg bijvoorbeeld eerst vaak negatieve reacties op straat over haar uiterlijk, en na de publicatie op i-D en in het Parool (PS) werd ze steeds vaker aangesproken door mensen die het heel cool vonden dat ze zich zo onderscheidend durfde te kleden. Als de wereld dan ook inziet wat haar bijzonder maakt, ben ik helemaal blij en is een serie voor mij extra geslaagd.”

Wat is voor jou de verhouding tussen inhoud en esthetiek?

“In mijn vrije werk vind ik de balans heel belangrijk en werk ik gelijkwaardig met die verhouding. Voor commerciële opdrachten voert visuele aantrekkelijkheid vaak de boventoon. Dan werk ik vaak met een doel en idee van iemand anders waarin de esthetiek voorop staat. Toch probeer ik in het werk dat ik aanneem zo veel mogelijk te selecteren op concepten en verhalen die bij me passen en waarin de verhouding in balans is.”

IMG_9120klein.jpg

Als je kijkt naar het werk dat je de afgelopen jaren hebt gemaakt en nu, wat zijn je ontwikkelingen en waar wil je naartoe met je fotografie?

“Op de academie wilde ik een echte modefotograaf worden: campagnes voor modemerken en editorials in modemagazines, dat zag ik mezelf doen. Maar hoe interessant ik mode/kleding ook vind, heb ik ontdekt dat mijn kwaliteiten als fotograaf in deze series niet goed tot zijn recht komen. Tegenwoordig zie ik mezelf meer als portretfotograaf, met raakvlakken in mode. Het lijkt me ontzettend leuk om te fotograferen voor een merk waarbij we een “gewoon” model gebruiken, op straat gescout bijvoorbeeld. En dat hij of zij de hoofdrol speelt in de campagne, waarbij de kleding dus op een bepaalde manier ondergeschikt is aan de persoon. Maar juist door een pure identiteit te portretteren, krijgt ook de kleding meer persoonlijkheid, context en roept het een gevoel op. Ik zou ook graag meer in de reclamewereld willen werken en betrokken worden bij het creëren van mooie campagnes. En ik wil natuurlijk graag meer reizen voor mijn werk! Het lijkt me bijvoorbeeld te gek om iemand te volgen die interessante dingen doet in het buitenland, en dat verhaal als een documentair portret vast te leggen.”

Jip Broeks